De vakanties komen er weer aan en binnenkort zullen ‘we’ weer massaal richting Frankrijk vertrekken.

Vanaf 1 juli a.s. is het echter in Frankrijk verplicht om twee alcoholtesten in de auto te hebben. De prijs bedraagt rond de 1 á 2 euro per stuk en zijn verkrijgbaar bij de meeste benzinestations in Frankrijk. Indien u in Nederland al over de testers wilt beschikken dan kunt u deze wellicht via internet bestellen of via de apotheek.

De Franse overheid heeft deze maatregel genomen omdat alcohol in het verkeer de grootste oorzaak is van de verkeersongevallen in dat land.  Indien u niet in het bezit bent van deze zogenaamde éthylotest, dan kunt u een boete krijgen van rond de €17,-. Tot november is echter een overgangsmaatregel van kracht en zullen de boetes pas vanaf november a.s. uitgedeeld gaan worden.

U bent bij dezen weer op de hoogte, wij wensen u alvast een fijne vakantie.

 

 

 

(dit bericht is puur informatief. Hier kunnen dan ook geen rechten aan ontleend worden)

De Eerste Kamer heeft lovend gereageerd op het wetsvoorstel omtrent de zorgplicht voor veteranen; de zogenaamde veteranenwet.

Doel is erkenning van de verdiensten van de veteranen, erkenning van de mogelijke gevolgen van de inzet voor hun gezondheid en van de waardering die veteranen op grond van hun verdiensten toekomt. De minister heeft een zorgplicht voor veteranen die zijn ingezet, derhalve zal voorzien worden in de sociaal medische begeleiding en hun relaties na afloop van de inzet. Er zal één zorgloket komen, onafhankelijk en deskundig toezicht, een klachtenadviescommissie, een veteranenombudsman, voorbereiding van de militair en zijn relaties voor uitzending en blijvende steun voor veteranen met gezondheidsproblemen die gerelateerd zijn aan de uitzending, onafhankelijk van het moment waarop deze problemen zich manifesteren.

De motie is vandaag door de Eerste Kamer aangenomen.

Bron: http://www.eerstekamer.nl/wetsvoorstel/32414_initiatiefvoorstel_eijsink_2


Helaas komen ontruimingen van woningen in deze tijd steeds vaker voor, daarom is het zaak zo snel mogelijk te handelen indien er voor u een dreigende situatie ontstaat inzake het voldoen aan uw financiële verplichtingen. Soms is het voor mensen moeilijk om over hun financiële problemen te praten, laat staan dit aan te moeten geven bij instanties. Het is echter zo dat hoe eerder u aan de bel trekt, hoe eerder de verhuurder geneigd is u te helpen. Als zij weten van de dreigende situatie (misschien weet u al dat u ontslag krijgt of u gaat scheiden etc.) dan is het ook voor hen makkelijker samen met u een oplossing te vinden voor het probleem.

Is het echter al zover dat u al een aantal maanden huurachterstand heeft en heeft de verhuurder al ontbinding van de huurovereenkomst gevorderd, dan loopt u kans dat er ontruiming zal plaatsvinden en dit heeft voor u grote gevolgen. Meestal wordt een termijn van drie maanden huurschuld aangehouden voordat deze maatregelen genomen worden. Indien u dan geen verweer voert dan zal de rechter alleen naar de benodigde formaliteiten kijken en zal hij het vonnis bij verstek toewijzen. U kunt dan nog in verzet gaan, maar eigenlijk zit niemand te wachten op procedures waar uiteindelijk niemand beter van wordt. Ik ben van mening dat het ook voor de verhuurder van belang is dat er een oplossing voor het probleem gevonden wordt. Heeft u een (dreigende) huurschuld en heeft u hierbij hulp nodig, dan kunt u met ons contact opnemen. Wij bekijken de zaak samen met u en helpen u bij het vinden van een oplossing.

 


Indien je net een eigen bedrijf bent gestart is alles meestal nieuw en ben je van veel zaken (nog) niet op de hoogte. Ook komen bij het opstarten van een eigen bedrijf veel onverwachte kosten om de hoek kijken. Van de meeste facturen weet je wel waarvoor je deze moet betalen, maar van sommige echter niet. Over deze facturen wil ik het gaan hebben. Indien je met iemand of een ander bedrijf in zee gaat dan sluit je een overeenkomst. Een overeenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaarding. Indien er geen overeenkomst tot stand is gekomen (je herkent bijvoorbeeld het bedrijf helemaal niet waar je de factuur van hebt gekregen) dan zou ik maar eens heel goed lezen wat op de factuur staat, want het kan zomaar zijn dat je een zogenaamde ‘spookfactuur’ hebt ontvangen. Deze ziet er uit als een betrouwbaar document met alle benodigde gegevens. Echter, als je goed leest dan moet ergens tussen de kleine lettertjes staan dat het bijvoorbeeld om een aanbieding gaat en dat je een overeenkomst aangaat zodra je betaalt. Helaas hebben dit soort bedrijven zichzelf ten doel gesteld om middels oneerlijke handelspraktijken zichzelf ongerechtvaardigd te verrijken. Indien je zo’n factuur ontvangt dan kun je het beste in eerste plaats contact opnemen met de Kamer van Koophandel alvorens je besluit te betalen. Zij kunnen je vertellen of dit bedrijf bekend staat als acquisitie fraudeur. Als dit zo is dan kun je daarvan melding doen bij het landelijk steunpunt acquisitie fraude: http://www.fraudemeldpunt.nl. Ook kun je via deze website aangifte doen, indien je dit wenst. Tevens zou ik betreffend bedrijf laten weten dat er nooit sprake is geweest van geleverde goederen of diensten en dat je de factuur derhalve niet zal betalen. Dit om te voorkomen dat je alsnog gedagvaard wordt wegens het niet betalen van een factuur.

Voor verder advies kun je uiteraard altijd terecht bij het Juristenhuys.


De minister van Veiligheid en Justitie de heer I. Opstelten heeft een wetsvoorstel ingediend om de griffierechten te verhogen en deze zo kostendekkend te maken. Mijns inziens moet iedere burger gebruik kunnen maken van het rechtssysteem indien dit noodzakelijk is. Men procedeert niet voor de lol. Vaak zijn het situaties waarbij geen enkele andere mogelijkheid meer is dan naar de rechter te stappen.

Nu zal de minister er waarschijnlijk wel voor zorg dragen dat de min- en onvermogende een compensatie krijgt, maar de mensen die hier écht de dupe van zullen zijn, dat zijn de mensen die net een paar honderd euro boven het bijstandsniveau zitten. Deze mensen komen meestal net boven een bepaalde drempel en moeten dan het volle pond betalen. Vaak kiest de burger er zelf helemaal niet voor om te procederen, maar wat nu als je een groot probleem hebt met de overheid? De minister heeft er, heel comfortabel, voor gezorgd dat mensen niet meer tegen de overheid kunnen procederen waardoor de burger eigenlijk vogelvrij wordt verklaard.

Stel: de gemeente geeft jouw buren een vergunning om een dakterras te maken bovenop hun schuur, waardoor ze zo bij jou naar binnen kunnen kijken. Officieel mag dit niet, want een dakterras moet minimaal 2 meter van de erfgrens verwijderd zijn, maar de gemeente heeft een fout gemaakt. Als jij dit wilt aanvechten dan zal je eerst rond de 500 euro aan griffierecht moeten betalen en dán komen de kosten voor de gemachtigde hier nog bovenop als je ervoor kiest om het bezwaar door een jurist op te laten stellen.

Maar wat nu als je een onterechte parkeerboete hebt gekregen en deze wilt aanvechten? Ga je dat nog doen als de griffierechten vele malen hoger zijn dan de boete zelf?? Het gevolg is dat de burger monddood wordt gemaakt ten opzichte van de overheid, om nog maar te zwijgen over de hele grote kans van eigenrichting. De Raad voor de Rechtspraak heeft nu een verzoek ingediend bij de Tweede en Eerste Kamer om niet in te stemmen met het wetsvoorstel verhoging griffierechten. Het wetsvoorstel veroorzaakt grotere schulden bij de burgers en zal in feite alleen in het voordeel werken van de grote bedrijven, lees: verzekeringsmaatschappijen waar in feite maar één verliezer is: ‘de gewone man’, aangezien in dit wetsvoorstel tevens is bepaald dat ook de verweerder griffierecht moet betalen. Omdat Nederland zo’n beetje het enige land is waar je als verweerder griffierecht moet betalen, kan ik me niet voorstellen dat de Eerste Kamer hiermee akkoord gaat. Wordt vervolgd…

 


Onduidelijkheid over algemene voorwaarden

In de praktijk zien we regelmatig dat ondernemers zich beroepen op algemene voorwaarden terwijl deze niet van toepassing blijken te zijn. Naast dat ze niet goed opgesteld zijn, is dit een van de meest voorkomende zaken. Vaak blijkt er veel onduidelijkheid over te bestaan wat weer tot vervelende discussies leidt. Als u wilt dat uw algemene voorwaarden van toepassing zijn, is het volgende van belang:

Informatieplicht
U moet de partij met wie u zaken doet een redelijke mogelijkheid geven om kennis te nemen van uw algemene voorwaarden. U doet dit door de inhoud van de voorwaarden vóór of tijdens het sluiten van de overeenkomst aan de klant te verstrekken. Het beste is deze al bij de offerte te voegen. De andere partij/ uw klant moet instemmen met uw algemene voorwaarden. Dit kan uitdrukkelijk, maar ook stilzwijgend plaatsvinden. U kunt op verschillende manieren aan de informatieplicht voldoen, bijvoorbeeld door ze:

  • Te overhandigen aan de wederpartij bij het verstrekken van de offerte;
  • Vooraf toe te zenden;
  • Op het contract/offerte af te drukken. Er moet dan wel nadrukkelijk naar verwezen worden. Wel zien we overigens dat dit steeds minder vaak de beste optie is omdat algemene voorwaarden steeds uitgebreider moeten zijn.

Van toepassing verklaren van de algemene voorwaarden
Ook moeten de algemene voorwaarden van toepassing verklaard worden. Vaak worden algemene voorwaarden netjes verstrekt aan de andere partij zonder dat in de offerte, overeenkomst of opdrachtaanvaarding is opgenomen dat de algemene voorwaarden van toepassing verklaard zijn. U dient dus een zin op te (laten) nemen dat de algemene voorwaarden (met vermelding van specifieke datum) van toepassing zijn verklaard.

Waar het vaak misgaat

  • Als uw algemene voorwaarden bij een eerste contract met de andere partij pas op de factuur staan, is dat te laat. De voorwaarden moeten vóór of tijdens het sluiten van de overeenkomst of het aangaan van de opdracht bekend zijn bij de wederpartij.
  • Als u alleen op uw briefpapier vermeldt dat uw algemene voorwaarden zijn gedeponeerd, heeft dat geen effect. De algemene voorwaarden moeten zoals eerder vermeld verstrekt of overhandigd worden aan de partij waarmee u zaken doet.
  • De algemene voorwaarden worden verstrekt, maar niet van toepassing verklaard. Ook dan zijn ze dus niet van toepassing.

 

Kostbare missers in de praktijk

In de praktijk zien we veel dure fouten in arbeidsovereenkomsten. Vaak doordat gebruik gemaakt wordt van een standaard contract.

Wanneer u als werkgever niet kunt terugvallen op een goede arbeidsovereenkomst, trekt u bij problemen meestal aan het kortste eind. Werknemers worden namelijk beschermd, omdat zij gezien worden als de kwetsbare partij, die dus in bescherming moet worden genomen. Daarom nu aandacht voor mogelijke missers:

1.Proeftijd:
Er kan alleen een proeftijd van twee maanden worden overeengekomen bij een arbeidscontract voor onbepaalde tijd of een contract van bepaalde tijd met een duur van minimaal twee jaar.

Als er sprake is van een overeenkomst van een periode korter dan 2 jaar, mag de proeftijd maximaal 1 maand bedragen. In de praktijk komt het geregeld voor dat er 2 maanden proeftijd wordt opgenomen bij een tijdelijk contract korter dan 2 jaar. Gevolg is dat het beding niet geldig is en de overeenkomst geen proeftijd bevat. Dit kan dus zeker een van die dure fouten in arbeidsovereenkomsten zijn.

2. Opzeggen:
Een arbeidsovereenkomst (zonder tussentijds opzegbepaling) voor bepaalde tijd wordt voortijdig opgezegd. Gevolg: de werkgever is gehouden het loon over de resterende duur van de arbeidsovereenkomst aan de werknemer uit te keren. Het is dus van belang een opzegtermijn op te nemen in de arbeidsovereenkomst tenzij dit in de CAO is opgenomen.

3. Concurrentiebeding:
Het concurrentiebeding wordt vaak te ruim geformuleerd. In sommige overeenkomsten zelfs zo ruim dat een werknemer 2 jaar lang in heel Nederland zijn beroep niet mag uitoefenen. Op verzoek van de werknemer zal dit door een rechter altijd worden gematigd of zelfs worden vernietigd. Daarnaast komt een concurrentiebeding soms te vervallen bij een functiewijziging van uw medewerker. Het is dus van belang dit goed te beschrijven en goed op te nemen in de arbeidsovereenkomst.

4.Verjaringstermijn vakantiedagen:
Veel organisaties willen bedingen dat hun werknemers slechts een paar vakantiedagen kunnen meenemen naar het volgende jaar. De dagen die overblijven worden dan als vervallen aangemerkt. Dit wordt vaak zo in het bedrijfsreglement opgenomen. Aangezien vakantiedagen pas na vijf jaar verjaren, is een dergelijk beding nietig. Overigens zal vanaf 1 januari 2012 een apart regiem gelden voor wettelijke en boven wettelijke vakantiedagen (zie het artikel van 14 september).

5. Periode als uitzendkracht:
U mag op grond van wettelijke bepalingen in principe driemaal een tijdelijke arbeidsovereenkomst aangaan met een werknemer. Wanneer de werknemer voorafgaand aan het eerste contract bij u in dezelfde functie als uitzendkracht heeft gewerkt, telt deze periode ook mee. In de praktijk wordt deze periode vaak vergeten met als gevolg dat er een contract voor onbepaalde tijd ontstaat.

Wilt u weten of u risico’s loopt met de arbeidsovereenkomsten die u met uw medewerkers heeft gesloten, neem dan contact met ons op.

Nieuwe Vakantiewetgeving

Per 1 januari 2012 zal nieuwe Vakantiewetgeving van kracht zijn. De vervaltermijn van vakantiedagen gaat hiermee omlaag. Hieronder in het kort de belangrijkste wijzigingen en aandachtspunten, zodat u hier uw voordeel mee kan doen.

Vakantiedagen opnemen

Werknemers moeten vanaf 1 januari 2012 hun wettelijke vakantiedagen (20 dagen bij een fulltime baan) binnen anderhalf jaar opnemen. Het wettelijke vakantiesaldo is te berekenen door de wekelijkse arbeidsduur per week met vier te vermenigvuldigen. Iemand die 40 uur werkt heeft dus 160 wettelijke vakantie uren.

Niet opgenomen wettelijke vakantiedagen vervallen een half jaar na het einde van het kalenderjaar. De vervaltermijn geldt overigens niet voor werknemers die redelijkerwijs niet in staat zijn geweest vakantie op te nemen. Werkgever(s) en werknemer(s) kunnen in onderling overleg besluiten de termijn te verlengen.

Buiten de regeling
Boven wettelijke/extra vakantiedagen (boven de maximaal 20 wettelijke dagen) vallen buiten de nieuwe regeling. Voor deze dagen blijft een verjaringstermijn van vijf jaar gelden. Hiervoor geldt dus een andere termijn. Zaak is dus onderscheid te maken tussen wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen in het administratie en verlofsysteem.

Zwangerschapsverlof en vakantie tijdens ziekte
Aandachtspunten in de nieuwe wetgeving zijn zwangerschapsverlof en vakantie tijdens ziekte. In de nieuwe vakantiewetgeving is geen uitzondering op de vervaltermijn van zes maanden opgenomen voor werkneemsters met zwangerschapsverlof.
Ook wijzigt de wet als het gaat om het opnemen van vakantie tijdens ziekte. De wet stelt dat de gebruikte vakantiedagen volledig worden afgeschreven.

Advies:
Werkgevers moeten vooral letten op de verlofadministratie, want tussen 2012 en 2017 zijn er drie soorten vakantiedagen:
1. De dagen opgebouwd voor 2012 (vervaltermijn maximaal 5 jaar),
2. Wettelijk minimum aantal vakantiedagen (vervaltermijn 6 maanden), en
3. Bovenwettelijke vakantiedagen (5 jaar).

De komst van de nieuwe vakantiewetgeving, betekent dat werkgevers hun verlofregistratiesysteem zullen moeten aanpassen. Er moet onderscheid gemaakt kunnen worden tussen het opnemen van wettelijke minimumvakantiedagen (met een verval- of verjaringstermijn) en het opnemen van bovenwettelijke vakantiedagen (met verjaringstermijn). Ik weet niet of dit bij jullie ook al geregeld is, maar anders is dit van zeker van belang.

Ander belangrijk aandachtspunt: 
In de wet staat (nog?) niet dat het niet mogelijk is ook over die dagen andere afspraken te maken. Het oprekken van de termijn zou dus onderdeel van (CAO-)onderhandelingen kunnen worden.

Als u nog vragen heeft over de regeling of andere andere arbeidsrechtelijke of juridische vragen, neem dan contact met ons op.

Leuker kunnen we het soms wel maken
De Belastingdienst maakt het soms wèl leuker voor ondernemers. Er zijn een aantal aftrekposten die vaak worden vergeten. Dit zijn de zelfstandigenaftrek, de startersaftrek, en de mkb-vrijstelling. Als ze goed worden toegepast levert het een aardig belastingvoordeel op, dus zonde om ze te laten liggen. Hieronder heb ik ze in het kort beschreven, zodat u er uw voordeel mee kan doen.

De zelfstandigenaftrek
Deze geldt voor zelfstandigen en niet voor directeur grootaandeelhouders (dga’s). De hoogte van de aftrek is afhankelijk van de gemaakte winst zoals u kunt zien in de tabel hieronder. Er zijn een aantal voorwaarden:
1. U moet voldoen aan het urencriterium. Dit houdt in dat u jaarlijks minimaal 1.225 uur aan uw bedrijf besteedt. Ook als u een deel van het jaar gewerkt hebt als zelfstandige geldt het aantal van 1.225 dus dit is niet naar rato.
2. U mag niet meer zelfstandigenaftrek toepassen dan het bedrag van de winst, behalve als u in aanmerking komt voor de startersaftrek. Het bedrag aan zelfstandigenaftrek dat u niet kunt aftrekken, mag u verrekenen in de volgende 9 jaar.
3.  Startende ondernemers mogen de zelfstandigenaftrek (inclusief de startersaftrek) nog wél gedurende drie jaar verrekenen met ander box 1-inkomen.
4. Als u aan het begin van het kalenderjaar 65 jaar bent, dan is de zelfstandigenaftrek 50% van de zelfstandigenaftrek voor ondernemers die aan het begin van het kalenderjaar nog geen 65 jaar zijn.
Tabel Zelfstandigenaftrek 2011

Tabel Zelfstandigenaftrek 2011
Winst Zelfstandigenaftrek
€ 0 tot € 14.045 € 9.484
€ 14.045 tot € 16.295 € 8.817
€ 16.295 tot € 18.540 € 8.154
€ 18.540 tot € 53.070 € 7.266
€ 53.070 tot € 55.315 € 6.633
€ 55.315 tot € 57.565 € 5.931
€ 57.565 tot € 59.810 € 5.236
€ 59.810 of meer € 4.602

De startersaftrek
De startersaftrek in 2011 bedraagt € 2.123. Deze mag u onder voorwaarden maximaal 3 jaar na het starten van de onderneming toepassen. Hiervoor komt u alleen in aanmerking als u ook voldoet aan de regels voor de zelfstandigenaftrek. Hierbij geldt dus het zelfde urencriterium van 1.225 uren zoals bij de zelfstandige aftrek. Hier wordt vaak van gedacht dat dit ook naar rato kan worden toegepast, maar dat is niet het geval.

De Mkb-vrijstelling
De Mkb-vrijstelling bedraagt 12% van de winst. Dit is de winst ná aftrek van andere aftrekposten, zoals zelfstandigenaftrek.

Oudedagsreserve
Als ondernemer kunt u de oudedagsreserve toepassen als pensioenvoorziening. Voordeel is dat uw geld in de onderneming blijft omdat ze op de balans blijft staan. Wel is het gevaar dat de reserve gebruikt wordt voor andere zaken dan pensioen, waardoor een pensioen tekort ontstaat. U mag elk kalenderjaar 12% van uw winst als aftrekpost aan de oudedagsreserve toevoegen. Dit bedrag mag echter niet boven de € 11.882 uitkomen.

Nu weet u een aantal belangrijke posten waar u rekening mee kunt houden en die het leuker maken om te ondernemen. Indien u meer wil weten over aftrekposten of andere juridische of fiscale zaken dan kunt u contact met ons opnemen.

Gratis kennis-sessies

Op veler verzoek starten we weer met onze gratis kennis-lunch-sessies. Lees meer...
Blog-archief